Psychische problemen staan bijna nooit op zichzelf. Als één gezinslid worstelt, beweegt het hele gezin en systeem mee. Toch is de ggz nog vooral ingericht op het individu. Terwijl behandelaren zien dat juist een gezinsgerichte aanpak sneller én duurzamer werkt, zeker als problemen verweven zijn. Hoe ver zijn we in Nederland daarmee? De academische werkplaats GEZIeN onderzocht wat er al gebeurt, wat werkt en waar het nog schuurt. Het resultaat: gezinsgericht werken kan, maar vraagt om betere samenwerking en duidelijke afspraken.
GEZIeN doet onderzoek
Binnen de academische werkplaats GEZIeN werken Arkin, Levvel en Amsterdam UMC samen om die bredere gezinsblik te versterken. Om beter zicht te krijgen op wat er al gebeurt in Nederland en om van elkaar te kunnen leren, onderzocht de Nederlandse ggz samen met GEZIeN welke initiatieven er al bestaan voor gezinsgericht werken. Dit geldt voor de jeugdhulp, de volwassenen-ggz én ook voor samenwerking met het sociaal domein en jeugdbescherming. Want gezinnen waar kinderen en ouders zorg nodig hebben, ervaren vaak ook andere problemen, bijvoorbeeld rond veiligheid of financiën.
De onderzoekers vroegen ook naar knelpunten en succesfactoren. Zo ontstaat er een beeld van wat al goed gaat en waar nog kansen liggen. In totaal deelden 41 behandelaren hun ervaringen.
Meer weten over GEZIeN?
Wat werkt al en waar loopt het vast?
Op verschillende plekken in Nederland bestaan initiatieven om gericht samen te werken. Dit gebeurt niet alleen tussen jeugd- en volwassenenaanbieders, maar ook met het sociaal domein en de jeugdbescherming.Tegelijkertijd ervaren behandelaren nog duidelijke knelpunten. Wat laat het onderzoek zien?
- Gezinsgericht werken gebeurt al, in diverse regio’s en in verschillende samenwerkingsvormen.
- Samenwerking over domeinen heen is mogelijk, maar vraagt actieve afstemming.
- Financiering en bureaucratie vormen een belangrijke drempel.
- Verschillen in visie en werkwijze tussen jeugd- en volwassenen-ggz bemoeilijken samenwerking.
- Een gedeelde, consequente gezinsgerichte blik maakt het verschil, vooral als organisaties deze aanpak expliciet ondersteunen.
Van losse initiatieven naar structurele afspraken
Ondanks de knelpunten laat het onderzoek zien dat gezinsgerichte zorg in de ggz wél mogelijk is. Wat zou helpen? Bijvoorbeeld het verkleinen van de afstand tussen jeugd- en volwassenhulp. Maar ook duidelijke landelijke afspraken over de financiering van gezinsgericht werken. Bijvoorbeeld tussen gemeenten onderling en tussen gemeenten en zorgverzekeraars.
Het onderzoek heeft bovendien geleid tot de start van het Lerend netwerk gezinsgericht samenwerken. In dit netwerk delen professionals, organisaties en samenwerkingspartners hun ervaringen, data en dilemma’s rond gezinsgericht werken. Het doel: van elkaar leren, goede voorbeelden verder brengen en samen bouwen aan duurzame samenwerking over domeinen heen.
Zo wordt gezinsgericht werken niet afhankelijk van bevlogen individuen of tijdelijke projecten, maar groeit het uit tot een structurele manier van samenwerken in de ggz.
Verder lezen?
Wil je meer weten over het onderzoek en alle bevindingen?